On the Path to Freedom
Getuigenis

Ik hou van jij!

Ik hou van jij!” Ze roept het door de tram, ter­wijl ik afstap, en zij nog een paar hal­tes ver­der door­rijdt.

Ik steek mijn hand op en lach. Haar reac­tie is hart­ver­war­mend. We had­den een afspraak bij haar advo­caat. Wat was het een moei­lijk gesprek. Pra­ten over wat er in haar leven alle­maal gebeur­de en dan ook nog eens een advo­caat nodig heb­ben om haar recht te krij­gen haar kind te mogen zien.

Ter­wijl ze cha­o­tisch ant­woord­de op de vra­gen van de advo­caat, keek ik toe. De jon­ge vrouw zit vast in een web van pro­ble­men. Het ene raakt niet opge­lost omdat het ande­re zich aan­dient. De cir­kel van pro­ble­men waar ze niet weet waar het begin is en waar­van ze ook het ein­de niet kan zien.

Pra­ten is alles naar bui­ten mogen gooi­en.

Ik heb veel con­tact met haar. Ze komt twee keer per week pra­ten en als ze niet komt, belt ze. Pra­ten. Het is maar een woord, maar bij haar  is het niet zomaar een gesprek tus­sen twee per­so­nen. Pra­ten is alles naar bui­ten mogen gooi­en. Soms is het schreeu­wen, uit­schreeu­wen dat het zo moei­lijk is…, de ande­re keer komt ze hui­lend, en is een arm om haar schou­der wat ik kan doen, en dan weer zit­ten we zomaar samen een half uur te lachen en wor­den alle zor­gen weg­ge­la­chen en wordt alles gere­la­ti­veerd. Soms ben ik streng en ver­plicht haar om din­gen in orde te bren­gen, die ze te mak­ke­lijk ver­geet of laat lig­gen. Dan lacht ze… “ik hou van jij he, dus ik zal luis­te­ren…” Ik lach dan terug en ik denk van bin­nen, “ik hou ook van jou, jij bent een prach­tig mens en ver­dient het om gehol­pen te wor­den.”

Jij bent een prach­tig mens en ver­dient het om gehol­pen te wor­den.

Ik vind haar een bij­zon­der krach­ti­ge vrouw. Hoe­wel er in haar leven steeds maar weer opnieuw situ­a­ties zijn die haar neer­slaan, ze krab­belt elke keer weer recht. Dan staat ze er weer. Ja, geha­vend, met lit­te­kens, ver­moeid­heid, pijn, depres­sie, maar ze staat weer en dan zie ik haar trots zijn op zich­zelf.

Ik zie in haar ogen hoe ze zich voelt. En hoor het als ze me belt. “Mar­ga­ret…, ik voe­le mij nie goe van­dag…” Ik laat haar pra­ten. Ik merk dat het haar helpt dat ze het mag zeg­gen en dat ik luis­ter. Vaak ein­digt het gesprek: “Ik voe­le me al iets beter…”

Tra­nen in haar ogen toen ze van ons een cadeau­tje en roos­jes kreeg.

Gis­te­ren was ze jarig. Opge­won­den kwam ze het inloop­huis bin­nen met cho­co­laatjes met “I love you” op het doos­je voor ons team. Tra­nen in haar ogen toen ze van ons een cadeau­tje en roos­jes kreeg. En ondanks de zove­le zor­gen in haar leven, zei ze zacht­jes tegen mij: “Ik voe­le mij goed. Ik hou van jul­lie.”

Voor vrou­wen zoals zij is het nodig om mee te stap­pen, stap voor stap te gaan. Stap­pen voor­uit en heel vaak weer een paar ach­ter­uit, maar steeds met de bood­schap: “Wij blij­ven erbij, we zijn er nog! En ook al had­den we al veel ver­der voor­uit kun­nen zijn, we gaan gewoon samen ver­der, of we begin­nen weer opnieuw, we geven het niet op. We vech­ten met jou mee.”

Margreet

Een van mijn passies is via schrijven verhalen te vertellen. Als hulpverlener ben ik betrokken bij Cherut Belgium vzw, een organisatie die zich inzet voor meisjes en vrouwen die slachtoffer zijn van mensenhandel, prostitutie en huiselijk geweld in Antwerpen. Brussel en Gent. Omdat dit een groot deel van mijn dagelijks leven is, haal ik o.a. hier vaak mijn inspiratie voor verhalen. Maar ook toevallige of minder toevallige ontmoetingen met mensen of bijzondere situaties geven inspiratie voor het vertellen van een verhaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *