On the Path to Freedom
Getuigenis,  Prostitutie

Hoop

Ik wil wel stop­pen met mijn werk in de pros­ti­tu­tie, maar ik kan niets anders.

Ze kijkt me aan met ogen die gevuld zijn met tra­nen. Sinds ik haar ken, is ze altijd open geweest. Ze was gestopt met wer­ken ach­ter het raam en kwam regel­ma­tig op gesprek om de nieu­we weg die ze pro­beer­de in te slaan te bespre­ken. Tot ze opeens niet meer kwam. Een van de straat­wer­kers ont­dek­te haar opnieuw in het raam in het RLD. Ze was blij de straat­wer­ker te zien en vroeg haar of ik boos zou zijn, als ik hoor­de dat ze weer werk­te. 

Ik wil wel stop­pen met mijn werk in de pros­ti­tu­tie, maar ik kan niets anders.

Na een sms’je van mij, kwam ze tus­sen haar klan­ten door af en toe weer even bin­nen in ons inloop­huis. Ze was nog steeds een open boek en bleef eer­lijk zeg­gen hoe ze zich voel­de. Het nog jon­ge meis­je, nau­we­lijks 20, had al heel wat tijd in de pros­ti­tu­tie door­ge­bracht. Van dat leven wist ze alles. Van zoveel ande­re din­gen in het leven wist ze niets. En een gewoon leven was voor haar als­of ze voor het eerst in een zwem­bad sprong of voor het eerst op een fiets stap­te. 

Of ik ook maar gewoon eer­lijk wil­de zijn, vroeg ze. Hoe­wel ik eerst nog aar­zel­de, ik wil­de haar niet kwet­sen of ver­oor­de­len, zei ik het op een keer. Weet je, ik vind het niet fijn te weten dat je weer in de pros­ti­tu­tie werkt. Dat je jezelf ver­koopt, omdat je geld nodig hebt. Ik maak me steeds zor­gen om jou. 

Ik her­in­ner me hoe ze stil werd. Je vindt het echt erg! zei ze zacht. Als­of ze niet kon gelo­ven dat het iemand kon sche­len. Ja… zeg ik. Je wordt dag aan dag mis­bruikt. Het eni­ge wat je ervoor terug­krijgt is geld, maar daar moet je wel heel nare din­gen voor doen. Ik gun het je zo anders.

Het is niet zo heel lang na dit gesprek dat ze me op een och­tend opbelt, om te vra­gen of ze even langs mag komen. Even later komt ze bin­nen met een stra­lend gezicht en geeft ze me een taart. Ik ben benieuwd naar de reden van de taart. We heb­ben iets te vie­ren! zegt ze. Nu ben ik echt gestopt met pros­ti­tu­tie. En ik weet zeker dat jij daar blij mee bent, dus heb ik taart bij. Ik uit mijn blijd­schap. Net als zij, weet ik niet hoe ze nu haar reke­nin­gen moet gaan beta­len, maar ik geloof en bid voor haar dat God haar hier­in een weg zal wij­zen. 

Dat de keu­ze echt is, merk ik aan alles in haar gedrag. Het open meis­je liet me vaak oprecht  haar pijn en ver­driet zien in de peri­o­de dat ze werk­te, en laat nu haar opluch­ting, hoop en vreug­de zien. Alleen al het gestopt zijn maakt haar rus­tig. Toch zijn er aan­vech­tin­gen. Als een inschrij­ving in een taal­school inhoudt dat je eerst maan­den op een wacht­lijst staat, of dat je min­stens een reë­le kans op tewerk­stel­ling moet kun­nen voor­leg­gen voor je je ver­blijfs­kaart kan krij­gen, dan slaat de twij­fel over haar keu­ze toe. 

Hoe moet ik dat dan doen? Ik krijg geen werk als ik de taal niet spreek en als ik de taal wil leren moet ik wach­ten… en onder­tus­sen… niets doen… dat zorgt ervoor dat ik terug­denk aan de pros­ti­tu­tie. Dan trekt iets me daar terug.

Ik bid een ver­snel­ling hoger voor haar. Inten­ser dat er ergens in die vici­eu­ze cir­kel een ope­ning komt, zodat ze ver­der kan. Opeens is er plaats in de taal­school, en een bru­taal tele­foon­tje naar een poets­be­drijf bui­ten de stad, leert me dat ze begrip heb­ben voor anders­ta­li­gen. Zolang ze maar Engels spreekt en gemo­ti­veerd is, mag ze op gesprek komen. 

May­be God is hel­ping me’

Ze is stil als we na het gesprek bij het poets­be­drijf bui­ten komen met een ‘reë­le kans op tewerk­stel­ling’. Met dit papier kan ze naar de gemeen­te om haar ver­blijfs­kaart aan te vra­gen en daar­na heeft ze een arbeids­con­tract in han­den. ‘May­be God is hel­ping me’, zegt ze. Ik weet het wel zeker, zeg ik haar. Pro­beer maar te ver­trou­wen dat God je ziet en je kent.

Er zul­len nog wel moei­lij­ke dagen komen. Ze is nu gecon­cen­treerd bezig aan de ver­be­te­ring van haar leven door de prak­ti­sche zaken in orde te bren­gen. Werk, inko­men, papie­ren. De pijn van gepros­ti­tu­eerd te zijn geweest door een fami­lie­lid, en ande­re trauma’s laat ze nog niet dicht bij komen. Het is fijn om dit blije meis­je te zien. Blij met de keu­ze die ze maak­te om een ande­re weg in te slaan en haar voor­zich­ti­ge hoop op God. Op Gods tijd mag ze ook gaan wer­ken aan dat stuk­je pijn­lijk ver­le­den. Met de hoop op her­stel. 

Margreet

Een van mijn passies is via schrijven verhalen te vertellen. Als hulpverlener ben ik betrokken bij Cherut Belgium vzw, een organisatie die zich inzet voor meisjes en vrouwen die slachtoffer zijn van mensenhandel, prostitutie en huiselijk geweld in Antwerpen. Brussel en Gent. Omdat dit een groot deel van mijn dagelijks leven is, haal ik o.a. hier vaak mijn inspiratie voor verhalen. Maar ook toevallige of minder toevallige ontmoetingen met mensen of bijzondere situaties geven inspiratie voor het vertellen van een verhaal.

2 Comments

  • Tilly

    Lie­ve Mar­greet , zo blij met jouw bewo­gen­heid voor deze meis­jes , als­of de bewo­gen­heid die Jezus had voor de men­sen in nood nu via deze meis­jes op jouw weg komen !
    Ik dank God dat Hij jou gebruikt hier­voor .… ons hart delen met men­sen die gebro­ken zijn en Jezus heling nodig heb­ben ❤️ Dat is waar de wereld naar ver­langd

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *