On the Path to Freedom
Mensenhandel,  Prostitutie

Geliefde dochter

Ze had jaren gewerkt als pros­ti­tu­ee. Gedwon­gen pros­ti­tu­ee. De man, van wie ze dacht dat hij van haar hield, ver­kocht haar dage­lijks aan ande­re man­nen. Op de straat in haar thuis­land, ach­ter de ramen in ver­schil­len­de West-euro­pe­se lan­den, en de laat­ste jaren in die ene kamer in hun eigen huis.

Dag na dag, man na man, ver­krach­ting na ver­krach­ting…

Ze deed het, ze was gepro­gram­meerd om dit te doen en kon zich­zelf niet zien als meer dan dat. Ze deed het om hem, de man van wie ze hield, gun­stig te stem­men. Omdat daar een heel klein von­kje hoop in haar bleef dat zei dat hij van haar hield, als ze hem maar gun­stig kon stem­men en veel geld ver­die­nen.

Ze ver­dien­de veel. En ze kon­den een luxe levens­stijl beta­len. De taxi was hun dage­lijk­se ver­voer­mid­del al moesten ze maar twee stra­ten ver­der zijn, en goud en sie­ra­den had ze genoeg. Kle­ding kwam uit de duur­de­re win­kels.

Ze ver­blijft nu al enke­le maan­den bin­nen safe­pla­ces van Cherut. Kapot als ze was is ze het afge­trapt bij de man, die haar pooi­er was.

Ze mag opnieuw begin­nen. Vrij van haar pooi­er, vrij van haar ver­le­den

Dat dit niet zomaar gaat, erva­ren we elke dag.

De pooi­er hoeft niet bij haar in de kamer te zijn, of met haar in gesprek aan de tele­foon om toch invloed op haar uit te oefe­nen. Het ver­le­den komt boven en eist zijn tol, fysiek, psy­chisch, gees­te­lijk. Niet alleen de jaren van mis­bruik en geweld, ook de pijn van onge­wenst te zijn van­af haar geboor­te, het ver­driet van gemis­te kan­sen als moe­der, als vrouw, het terug­kij­ken op een heel kapot leven en dat dui­vel­se stem­me­tje in haar: Jij bent niets, jij bent niets… Jij kunt niet gehol­pen wor­den.

Toch mag ze opnieuw begin­nen en ze doet het. Niet alleen. Ze doet dat met God. God die een ander geluid laat horen:

Jij bent Mijn gelief­de kind. Ik heb jou gewild! Je bent van Mij, en Ik wil niet dat je wordt gebruikt voor geld of het genot van ande­ren. Ik wil dat je leeft.”

Deze stem mag steeds dui­de­lij­ker door­klin­ken in haar hart. De tegen­stem die zegt dat God iemand als haar niet hoeft, mag steeds meer over­stemd wor­den met: “Ik hou van jou, zoveel zelfs, dat Ik mijn eigen Zoon heb gege­ven die voor al jouw ver­keer­de din­gen, voor al jouw pijn, en afwij­zing, gele­den heb aan het kruis. Als Ik naar jou kijk, zie ik het bloed van mijn Zoon dat jou heeft schoon­ge­was­sen. Dan zie ik een mooie doch­ter.”

Bij­zon­der om dit van heel dicht­bij te mogen zien. Als mede­wer­kers heb­ben we alle­maal een ande­re rol. De een is soms dag en nacht betrok­ken bij iemand die door een pro­ces van bre­ken en door­bre­ken gaat, de ander zit thuis te bid­den. De een zit uren­lang bij de poli­tie en de jeugd­recht­bank, ter­wijl de ander de auto pakt en beschik­baar is om heen en weer te rij­den.

Maar om te mogen zien dat Gods licht steeds meer door­breekt in het leven van iemand die zich­zelf eigen­lijk al heel lang opge­ge­ven had, dat nemen we alle­maal mee in ons hart. Dat is getui­gen mogen zijn van Gods groot­heid. God is gro­ter dan alle kwaad in de wereld. Daar kun­nen wij bij Cherut van mee­pra­ten.

 

Margreet

Een van mijn passies is via schrijven verhalen te vertellen. Als hulpverlener ben ik betrokken bij Cherut Belgium vzw, een organisatie die zich inzet voor meisjes en vrouwen die slachtoffer zijn van mensenhandel, prostitutie en huiselijk geweld in Antwerpen. Brussel en Gent. Omdat dit een groot deel van mijn dagelijks leven is, haal ik o.a. hier vaak mijn inspiratie voor verhalen. Maar ook toevallige of minder toevallige ontmoetingen met mensen of bijzondere situaties geven inspiratie voor het vertellen van een verhaal.

4 Comments