On the Path to Freedom
Prostitutie

De eerste keer

ros1

Een beet­je onge­mak­ke­lijk loop ik  door de stra­ten van het schip­pers­kwar­tier in Ant­wer­pen.

Het schip­pers­kwar­tier staat al lang bekend als de plaats waar je de meis­jes van het ver­tier kunt vin­den. Het red-light dis­trict.

Ik kan me maar een keer eer­der her­in­ne­ren dat ik met een aan­tal vrien­den in de auto over het Fal­con­plein kwam.  De buurt had terecht een slech­te naam. De ‘zwar­te markt’ en de ‘rode lich­ten’ waar de Oost-Euro­pe­se maf­fia de baas was.

De laat­ste tien jaar zijn er din­gen ver­an­derd. Het red-light-dis­trict is door het stads­be­stuur gedoogd bin­nen een aan­tal afge­ba­ken­de stra­ten. De buurt is ‘net­jes’. Net-ogen­de ramen, zelfs een heel com­plex spe­ci­aal omge­bouwd tot sex­tem­pel, Vil­la Tin­to, met bui­ten vuil­nis­bak­ken en open­ba­re (mannen?-)toiletten.

Toch lijkt het een illu­sie dat het stads­be­stuur des­tijds een pro­bleem heeft opge­lost. Nog even­veel meis­jes en vrou­wen wer­ken in shif­ten ach­ter de ramen en in de bor­de­len van het schip­pers­kwar­tier. Nog even­veel klan­ten vin­den hun weg naar de buurt.

Ik loop daar…. onge­mak­ke­lijk kijk ik om me heen. Mijn waar­den en nor­men, gevol­gen van mijn opvoe­ding, zor­gen dat ik weg­kijk, steeds als ik de blik van een van de meis­jes opvang.

Gauw kijk ik weg uit hun gezicht, om dan de rest te zien. In mij groeit boos­heid. Boos­heid op die vrouwen…wat doe jij je zelf aan, denk ik. Ben je niet veel meer waard als vrouw dan je zelf te ver­ko­pen, te laten gebrui­ken door zoveel man­nen per dag?

Boos….

 

Mijn col­le­ga loopt anders dan ik. Ze is jaren­lang bezig met deze doel­groep en haar hart ligt bij deze meis­jes. ‘Gewoon rus­tig wan­de­len, kijk ze maar gerust aan. Deze meis­jes heb­ben ook een gezicht. Daar kij­ken de man­nen niet naar.’

Ik pro­beer het. Een keer, twee keer. Aar­ze­lend glim­lach ik naar een meis­je dat maar een paar jaar ouder lijkt dan mijn doch­ter. Ik krijg een glim­lach terug.

Mijn oog valt op iets anders…. man­nen. Een man staat met zijn neus tegen een raam geplakt en kwijlt bij­na. Een van de vrou­wen doet open. Er wordt onder­han­deld. De man gaat weg. Mis­schien is ze te duur. Wel kij­ken, niet aan­ko­men.

In vil­la Tin­to bezoe­ken we een van de meis­jes. Een prach­ti­ge vrouw van Domi­ni­caan­se afkomst. Onge­mak­ke­lijk sta ik in haar kamer. Ter­wijl mijn col­le­ga met de vrouw praat als­of ze vrien­din­nen zijn of buur­vrou­wen, sta ik er onge­mak­ke­lijk bij. Wat doe ik hier?

De vrouw ziet er jong en strak uit. Maar later blijkt ze even oud te zijn als ik zelf.

Ik sta te tril­len. Niet op mijn gemak in deze buurt en ik ben blij dat we weer weg gaan.Onderweg valt mijn blik nog op een vrouw in een raam.

De vrouw lijkt me ver tegen de 60 en ze is niet zo strak als de ande­re dames. Ze staat in haar onder­goed dat meer bedekt dan bij de ande­re dames. Ze staat niet op haar gemak. Ik blijf kij­ken en ze glim­lacht.

Een paar maan­den later ont­moet ik deze vrouw in ons inloop­huis. Ik her­ken haar gezicht, maar ver­der zie ik niet de onze­ke­re vrouw van toen, maar een dame, in een dure man­tel. Ze is een Rus­si­sche dame van stand.

Op dat moment besef ik dat ieder­een slacht­of­fer kan wor­den van situ­a­ties die hen bren­gen tot wan­hoop en wan­hoop kan bren­gen tot sla­ven­werk.

Ik weet waar­om ik hier wil wer­ken. Ik hou niet van deze buurt, ik hou niet van de zaken die hier gebeu­ren. Maar mijn hart gaat uit naar de slacht­of­fers.

Het is  alweer een aan­tal jaar gele­den dat ik de eer­ste keer op deze manier ken­nis­maak­te met het red-light-dis­trict. In die twee jaar mocht ik met een aan­tal vrou­wen op weg gaan, de extra mijl gaan om stap­pen te zet­ten die ervoor zor­gen dat ze niet meer in de pros­ti­tu­tie hoe­ven te wer­ken.

En elke keer dat ik met een vrouw mag pra­ten, een vol­gen­de stap mag berei­ken, of twee stap­pen terug moet zet­ten, ben ik dank­baar, voel ik dat het goed is. Voor haar, maar ook voor mij.

De eer­ste keer in het red-light-dis­trict is iets wat ik nooit zal ver­ge­ten. Ik kom er nog wel eens (hoe­wel mijn werk op de soci­a­le dienst van Cherut me opslokt zodat er niet zoveel tijd voor over­blijft). Ik ben nog steeds niet op mijn gemak. Het is een duis­te­re wereld. Een wereld waar ik niet hoor te zijn, maar toch ook moet zijn, om iets van het licht te mogen bren­gen.

Het doel van de mede­wer­kers bij Cherut, wel­ke taak ze ook heb­ben, is om hier­aan bij te dra­gen. Men­sen in de duis­ter­nis dich­ter bren­gen bij het licht.

 

Margreet

Een van mijn passies is via schrijven verhalen te vertellen. Als hulpverlener ben ik betrokken bij Cherut Belgium vzw, een organisatie die zich inzet voor meisjes en vrouwen die slachtoffer zijn van mensenhandel, prostitutie en huiselijk geweld in Antwerpen. Brussel en Gent. Omdat dit een groot deel van mijn dagelijks leven is, haal ik o.a. hier vaak mijn inspiratie voor verhalen. Maar ook toevallige of minder toevallige ontmoetingen met mensen of bijzondere situaties geven inspiratie voor het vertellen van een verhaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *